koolmees


Met een nestkastje in de tuin kun je het hele proces volgen van het kiezen van een nestplaats, het uitbroeden van de eieren en, met een beetje geluk, het uitvliegen van de jongen. Al vroeg in het voorjaar wordt de nestkast, die eigenlijk gebouwd was voor huismussen, verkend en in bezit genomen. Beide oudervogels vliegen af en aan met nestmateriaal.


Het mannetje brengt met grote regelmaat voedsel en neemt bij het naar buiten gaan ook even de 'vuile luiers' mee, die hij ver van het nest verwijderd deponeert. Zodoende verraadt de poepgeur van de jongen de plaats van het nest niet en kunnen de oudervogels zich concentreren op broeden en voeren.










Elk geluidje tegen de nestkast stimuleert de jongen om hun bekje zo wijd mogelijk open te sperren en te roepen om voedsel. De oudervogel wil dat zijn kroost ophoudt met herrie maken stopt snel voedsel in de bek van de grootste herriemaker. De nestkast hangt boven de ingang van de schuur, dus elke keer dat de deur open gaat hoor je de jongen ook piepen.

Na twee weken staan de koolmeeskuikens vlak voor hun eerste vlucht en opeens is het stil in de kast. Als de jonge koolmezen zijn uitgevlogen, is het tijd om de kast te controleren op achterblijvers.  Meestal verlaten alle kuikens de kast, maar deze keer is er een kuiken dat het niet heeft gehaald. Achterblijvers zijn ten dode opgeschreven want er is geen enkele mogelijkheid voor de ouders om nog aandacht te besteden aan de achterblijver als zijn broertjes en zusjes zijn uitgevlogen.


Deze jonge koolmees heeft het wel gehaald en scharrelt de tuin en buurtuinen door op zoek naar voedsel.


                   -terug naar vogels-




















Comments